Hoge Venen: nog steeds smeulende ondergrond mogelijk
9 september 2026
Hoewel toeristen opnieuw volop kunnen wandelen in de Hoge Venen, smeult het veen er nog steeds onder hun voeten op enkele meters onder de grond. Wellicht zal het nog maanden duren vooraleer deze ondergrondse "branden" helemaal gedoofd zijn. De fauna en flora zal vrij snel terugkeren, maar de afgebrande veenlagen zijn verloren.
Opnieuw wandelplezier
De Hoge Venen zijn inmiddels weer grotendeels toegankelijk voor bezoekers, maar het direct getroffen brandgebied en de directe bosperimeters blijven strikt afgesloten. Je mag dus op heel wat plekken weer gaan wandelen, maar dus niet overal. Het eigenlijke brandgebied, waaronder het Fagne Wallone, is voor de Waalse Regering verboden terrein. Ook de hotels en de restaurants rond de Baraque Michel, Mont Rigi, het café bij het Signal de Botrange en het Maison du Parc zijn open. Ook zijn een aantal toeristische attracties, zoals de Vennbahn, al een tijdje terug open.Satellietbeeld van 16 augustus 2026. Links is de luchtfoto met de rookontwikkeling, rechts is het bewerkte ingekleurde beeld om een idee te krijgen van de omvang van de natuurbrand. Beeld van European Union, Copernicus Sentinel-2 imagery, via Wikipedia
Ondergrondse risico's
In een venige bodem kunnen smeulende ondergrondse vuurhaarden nog lang actief blijven. Daarom is de toegang tot het rechtstreeks verbrande natuurreservaat en de omliggende bossen uit veiligheidsoverwegingen verboden. Een ondergrondse veenbrand kan weken, maanden en in extreme gevallen zelfs tot in de winter of het volgend voorjaar blijven smeulen. Dit komt doordat droog veen voornamelijk uit een dikke, samengeperste laag van eeuwenoude plantenresten - dus koolstof - bestaat.
Omdat dit proces zich onder de bodem afspeelt, is het vuur uitzonderlijk hardnekkig. Gebrek aan zuurstof stopt het vuur niet. Veenbranden hebben maar heel weinig zuurstof nodig om heel langzaam (zonder vlammen) voort te smeulen. Water dat van bovenaf op het veen wordt gesproeid, spoelt er vaak gewoon vanaf of verdampt voordat het de diepe brandhaarden - soms wel tot een meter onder het oppervlak - bereikt.
De droge bodem werkt als een isolerende deken. Hierdoor blijft de temperatuur ondergronds extreem hoog. In sommige landen, zoals in Canada of Scandinavië, broeien dit soort veenbranden zelfs onder een dikke laag sneeuw door tot het volgende voorjaar.
Wanneer stopt het dan wel?
Het smeulproces stopt pas als de bodem volledig verzadigd raakt met water. Een paar zomerse regenbuien zijn hiervoor niet genoeg; daarvoor is langdurige, overvloedige regenval in het najaar en de winter nodig die het grondwaterpeil in het veen weer doordrenkt. Tot die tijd moeten de brandweer en boswachters het gebied blijven monitoren met behulp van warmtebeeldcamera's en drones.
Als het vuur definitief gedoofd is, kan het herstel van flora en fauna opnieuw beginnen. Dat gaat vaak vlugger dan we denken. Planten koloniseren zeer snel afgebrande regio's en de dieren komen dan na een aantal jaren vanzelf terug. Wat er wel niet meer herstelbaar is op korte termijn zijn de metersdikke veenlagen die hier en daar verdwenen zijn door het vuur. Metersdikke veenlagen vormen zich immers traag, namelijk over duizenden jaren.
Historische veenbrand van 1911
Als we terugkijken in de meteorologische archieven van ons land, springt de zomer van 1911 er met kop en schouders bovenuit. Een blokkerend hogedrukgebied nestelde zich maandenlang boven Centraal- en Noord-Europa, waardoor regenzones steeds werden omgeleid naar het noorden. Dat leidde tot een historische hittegolf en een groot neerslagtekort. In onze Ardennen droogde de bodem tot op extreem diepe niveaus uit. De normaal zo kletsnatte Hoge Venen veranderden in een gigantische kruitvat.
Re-analyse van de weerkaart van 9 augustus 1911. Een blokkerend hogedrukgebied ligt boven Scandinavië, waardoor er een droge oostenwind staat en het kwik hoog kan oplopen. Bron Wetter3.de
De meteorologische cocktail van juli 1911 was ronduit gevaarlijk: zeer hoge dagtemperaturen in combinatie met een zeer lage relatieve luchtvochtigheid en een krachtige, droge oostenwind. Op 23 juli bijvoorbeeld liep de temperatuur aan de stuwdam van de Gileppe - niet ver van de Hoge Venen - op tot 38,2 °C. Wanneer in die omstandigheden een vonk onstond – door bijvoorbeeld een weggesmeten peuk of een voorbijrijdende stoomtrein – was er geen houden meer aan.
In een mum van tijd stond een oppervlakte van meer dan 2.000 hectare in lichterlaaie. Met de beperkte middelen van toen — zonder blushelikopters of zwaar materieel — stond de brandweer machteloos tegenover het bliksemsnelle vuurfront. Uiteindelijk brandde er in totaal een oppervakte van ruim 4.000 hectare af. Het afgebrande gebied lag overigens niet enkel in België, maar ook deels in het toenmalige Pruisen, zoals de Fagne Wallone, dat nu Belgisch grondgebied is.
Ook toen speelde het ecologische drama zich af in de bodem. Het veen, dat normaal functioneert als een gigantische spons, was door de aanhoudende droogte getransformeerd in pure brandstof. Het vuur vrat zich tot wel een meter diep de grond in. Waar de vlammen aan het oppervlak na een tijdje doofden, bleef het ondergronds maandenlang doorsmeulen. Pas toen vele actieve herfstdepressies over ons land trokken en langdurige regens de bodem weer doordrenkten, doofde deze historische veenbrand definitief.
Historische veenbranden in de wereld
Indonesië - vooral op Borneo en Sumatra - kent de grootste en gevaarlijkste veenbranden ter wereld. Veengebieden worden daar grootschalig drooggelegd voor palmolieplantages. In 1997 en 2015 ontstonden tijdens het droge El Niño-seizoen gigantische ondergrondse veenbranden. De branden veroorzaakten maandenlang een giftige rookwolk over heel Zuidoost-Azië. In 1997 stootten deze veenbranden in een paar maanden tijd evenveel broeikasgassen uit als 13% tot 40% van de totale wereldwijde jaaruitstoot.
Tijdens de hittegolf in de zomer van 2010 vatten de drooggelegde veengebieden rondom de Russische hoofdstad Moskou vlam. Het vuur drong diep door in de droge bodemlagen en bleef ondergronds doorsmeulen. Moskou werd wekenlang gehuld in een dikke, verstikkende smog van veenrook, wat leidde tot extreme luchtvervuiling en duizenden extra sterfgevallen door ademhalingsproblemen.
Door klimaatverandering smelt de permafrost in arctische gebieden. De oude veengrond die duizenden jaren bevroren lag, droogt uit en vat steeds vaker vlam. In Groenland bijvoorbeeld werden in 2017 grote, wekenlang smeulende veenbranden geobserveerd op het eiland nadat de permafrost was ontdooid. Ook in Siberië ontstaan zogeheten zombiebranden: veenbranden die in de zomer ontstaan, de hele ijskoude winter onder de sneeuw blijven smeulen, en in het voorjaar bovengronds weer oplaaien.
Door Dirk Hostens
Meer interessant en boeiend weernieuws? Kijk dan op weerverteller.nl